Grote Beer
Grote Beer
Ik hoor haar stem en ben in één klap terug op de kleuterschool. De juf sloot de dag steevast af met een verhaal. Soms speelde ze dat met handpoppen die zij zo veel leven inblies dat je vergat dat haar armen eruit staken en zij het was die de stemmetjes deed. Het gelukkigst werd ik, als ze na het opruimen Het Boek pakte. De hele klas kende het al van A tot Z, maar dat maakte het juist mooier. Met een ongelovige stem vroeg ze: “Willen jullie deze alwéér horen? Ik denk dat ik vandaag maar eens iets anders voorlees.” De hele klas gilde: “Nee!” en met een dramatische zucht pakte ze dan het geliefde exemplaar.
Allemaal voelden wij ons soms zoals het kleine beertje in het boek en allemaal riepen we dan om papa of mama. De Kleine Beer vindt het zo donker als hij slapen moet. Grote Beer stelt hem gerust, keer op keer. Steeds neemt hij een groter lampje mee en als Kleine Beer nog altijd bang is, brengt hij tenslotte de maan voor hem mee.
Mijn klas vol kleutertjes was altijd zo opgelucht als Grote Beer de maan liet zien. Wees maar niet bang, want met papa en mama erbij komt alles goed.
Nu hoor ik een zachte moederstem achter me in de banken. Elk woord herken ik en in gedachten komen prenten voorbij. Ik weet precies wanneer de bladzijde omgeslagen moet worden en het gevoel is net als vroeger.
Lees Het Boek voor haar, moeder van dit meisje, keer op keer.