Eikel

Eikel

Midden in de spits komt het wel eens voor dat er meer passagiers dan zitplaatsen in de trein zijn. En ook al is de eersteklas coupé leeg, mensen die in de tweede klasse geen stoel kunnen vinden moeten gewoon blijven staan. In ons land, waar het lontje als enige uitgesloten blijft van onze puberale groeispurt, zorgt dit regelmatig voor ergernis onder de forenzen.
Deze meneer steekt zijn woede hierover heel toepasselijk niet onder stoelen of banken. Zelfs als hij na twee stations wel een plaats bemachtigd heeft, lijkt hij nauwelijks af te koelen. Medereizigers houden wijselijk hun mond, elkaar gefronste blikken toewerpend. Met een perfect gevoel voor timing komt de conducteur de kaartjes controleren. De man  moet deze he-le-maal uit zijn tas halen, die kort daarvoor moeizaam bovenin het bagagerek is gepropt. Of hij die nou echt voor die conducteur moet pakken? Ja, dat is wel de bedoeling. De conducteur knipt ondertussen verder, “want anders moeten de mensen zo lang wachten, meneer”. O, moet hij zich soms schuldig voelen, hè? De stuurse blikken die hij op de conducteur afvuurt worden geroutineerd gemeden. Zijn zelfbeheersing nog net beheersend sist hij: “Wat ben jij een ongelooflijk bijdehante eikel.” De conducteur knipt het kaartje, kijkt de man aan en zegt: “Dan wenst deze eikel u nog een heel prettige dag.”
Dan noem ik nou eerste klasse.

>>